Nieuwe regels hypotheekrenteaftrek dramatisch voor grensarbeider

Door: mr. K.A. van Heerewaarden

Mr K. A. (Kurt) van Heerewaarden (1974) is gespecialiseerd in de fiscale problematiek op het snijvlak van grensoverschrijdende arbeid en het sociale zekerheidsrecht, hij adviseert bedrijven die vanuit België in Nederland en vice versa activiteiten wensen te ontplooien en hij houdt zich bezig met fiscale planningsmogelijkheden en structuren voor "NederBelgen" en grensarbeiders. 


Prinsjesdag presenteerde de regering haar nieuwe belastingplannen. Daarin zijn ingrijpende wijzigingen opgenomen ten aanzien van het keuzerecht. Het gevolg daarvan is dat in zeer veel gevallen de helft dan wel de gehele renteaftrek voor de grensarbeider zal komen te vervallen.

Huidige regeling

Onder de huidige regeling kan - kort samengevat - indien sprake is van Nederlands arbeidsinkomen, de betaalde rente voor de eigen woning in aftrek worden gebracht van het Nederlands inkomen. Daartoe moet worden gekozen voor de behandeling als binnenlands belastingplichtige. Indien beide partners kiezen, kan in beginsel zowel het ‘eigen' rentedeel dat op de grensarbeider drukt, alsook het deel van de partner in aftrek worden gebracht van het Nederlands inkomen. Op basis van dit uitgangspunt is veelal voor een lange termijn een verplichting aangegaan jegens een bank, waarbij uiteraard rekening gehouden is met deze fiscale behandeling.

In het beste geval heeft men zich nog goed geïnformeerd over de mogelijke gevolgen van de inhaal en terugploegregeling waarmee men geconfronteerd zou kunnen worden. De toepassing van deze regels kan namelijk tot gevolg hebben dat (een deel) van de genoten renteaftrek in de toekomst wordt teruggenomen. In veel gevallen is het mogelijk om middels een correcte planning een terugname te voorkomen.

Voorgestelde regeling grote beperkingen

Onder de nieuwe voorgestelde regels is echter geen sprake meer van een keuzemogelijkheid. De hoofdregel stelt dat renteaftrek aan de orde komt indien het inkomen geheel danwel nagenoeg geheel (ten minste 90%) belast is in Nederland. De aftrekpost blijft buiten aanmerking voor zover deze bij de buitenlandse belastingplichtige of zijn partner in de woonstaat in aanmerking kunnen worden genomen.

Onduidelijk is wanneer hiervan sprake is. In bepaalde landen staat het vrij om een aftrekpost naar eigen keuze te vullen met aflossingen en/of interesten, of is het effectieve belastingvoordeel minimaal ten opzichte van de Nederlandse regeling. Zo zal bijvoorbeeld de Belgische grensarbeider in geval van aftrek in zijn woonland slecht een effectief voordeel behalen op het vlak van de gemeentebelastingen. De grensarbeider geniet de aftrekpost dan maximaal tegen een tarief van 4%! Woont deze bijvoorbeeld in Knokke Heist of De Panne, dan levert een aftrekpost zelfs in het geheel geen voordeel op, omdat het tarief van de gemeentelijke belastingen aldaar 0 % bedraagt. Beperkt dit dan toch de aftrek in Nederland?

Verder zal - in de veelvoorkomende - gevallen waarin de partner van de grensarbeider in het woonland werkt, noch de partner zelf, noch op gezinsniveau voldaan zijn aan het strikte 90%-criterium. In dat geval zal slechts de rente die drukt op de in Nederland werkzame grensarbeider, in aftrek kunnen worden gebracht. Bij een gezamenlijk aangekochte eigen woning van € 350.000 die maximaal gefinancierd is, scheelt dit netto als snel € 3.500 netto per jaar!

Of aan de 90%-eis wordt voldaan, wordt naar Nederlandse heffingsmaatstaven beoordeeld. De buitenlandse belastingplichtige zal met een inkomensverklaring van de belastingautoriteit in zijn woonland inzage moeten geven in zijn niet-Nederlandse inkomen. Sowieso een administratieve lastenverzwaring.

In de motivering bij het voorstel wordt opgemerkt dat deze versobering wordt doorgevoerd, omdat de huidige keuzeregeling ‘verder gaat dan Europeesrechtelijk noodzakelijk is,

doordat het personele bereik van de keuzeregeling ruimer is dan de jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie op dit punt'. Dit argument geldt evenwel al sinds de invoering van het keuzerecht en rechtvaardigt geenszins deze abrupte koerswijziging die enkel door financiële motieven lijkt te zijn ingegeven.

Opmerkelijk is verder dat Nederland nog wel een specifieke bepaling opneemt, waardoor zij bij algemene maatregel van bestuur andere buitenlandse belastingplichtigen aan kan wijzen als kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen. De motivering daarvoor is dat voor de gevallen waar niet aan het 90% criterium is voldaan, het Europese recht in bepaalde gevallen toch voorschrijft om aftrek te verlenen. Een dergelijke afzonderlijke bepaling zal toch niet bedoeld zijn voor een enkel op zichzelf staand geval? Het maakt het er voor de grensarbeider enkel maar onduidelijker op.

Ook versoepelingen

Er zijn verder enkele versoepelingen doorgevoerd, die echter voornamelijk in de wet vastleggen wat nu al bij besluit is geregeld. Voor belastingplichtigen die nu nog met de dreiging van de inhaal en terugploegregeling worden geconfronteerd, lijkt per saldo wel sprake van goed nieuws, deze verdwijnen. Verder lijkt zonneklaar dat definitief niet meer teruggekomen zal worden op afgetrokken uitgaven voor inkomensvoorzieningen in de buitenlandse periode.

Geen eerbiedigende werking

Indachtig de lange termijn verplichtingen die men in de regel aangaat bij de financiering van de eigen woning, stelt u zich wellicht (terecht) de vraag hoe lang er overgangsrecht is voorzien voor bestaande situaties. Bij de in 2013 ingevoerde aflossingsverplichting voor eigen woning leningen is ook in ruimhartig overgangsrecht voorzien. Dit lijkt er vreemd genoeg (nog) niet te zijn, tenzij de periode tot de voorziene invoeringsdatum: 1 januari 2015, als zodanig beschouwd moet worden. Van een betrouwbare overheid die dertien jaar lang (bewust) de renteaftrek toestaat onder stringente voorwaarden, mag toch verwacht worden dat eerbiedigend overgangsrecht voorzien wordt. De gevolgen op persoonlijk vlak voor de grensarbeider en ook voor de reeds kwakkelende huizenmarkt in de grensstreek laten zich raden, als op dit vlak regelgeving uitblijft.

Oplossingen

Gedeeltelijke reparatie is wellicht mogelijk door een overdracht van de ene partner aan de andere partner. Dit zal de nodige kosten met zich brengen. Verder biedt het Europees recht nog soelaas. Duidelijk moge zijn dat de grensarbeider zich wederom de kosten zal moeten getroosten om zich deskundig bij te laten staan. Het wordt noch leuker, noch makkelijker…

Powered by: Vuursteen