Basisonderwijs

In België bestaat een onderscheid tussen kleuteronderwijs en lager onderwijs. Samen vormen ze het basisonderwijs. In veel gevallen wordt op een en dezelfde school zowel kleuter- als lager onderwijs aangeboden. In dat geval mag de school zich een basisschool noemen. In de andere gevallen luiden de benamingen “autonome kleuterschool” en “autonome lagere school”.

 

Kleuteronderwijs

 

Kleuteronderwijs is niet verplicht in Vlaanderen. Toch gaat bijna 98% van de Vlaamse kleuters naar de kleuterschool. Vanaf een leeftijd van 2,5 jaar kunnen kinderen naar de kleuterschool. Ieder schooljaar zijn er zeven instapdata: de eerste schooldag na elke vakantieperiode én de eerste schooldag van februari. Kleuters blijven op de kleuterschool totdat ze 6 jaar zijn. Ze leren allerlei vaardigheden via vastgelegde ontwikkelingsdoelen: lichamelijke opvoeding, muzische vorming, Nederlands, wereldoriëntatie en wiskundige initiatie (=introductie). Op sommige kleuterscholen wordt Franse les gegeven.

Na het kleuteronderwijs volgt het lager onderwijs. Mocht de kleuter daar nog niet rijp voor zijn, dan kan het eventueel nog een jaar doubleren op de kleuterschool of overstappen naar het buitengewoon lager onderwijs. Dit laatste is normaal bestemd voor kinderen met een beperking, met een leerstoornis of voor kinderen die ernstig ziek zijn.

 

Lager onderwijs

 

Het reguliere lager onderwijs begint op de leeftijd van 5 of 6 jaar en beslaat zes aansluitende leerjaren. Sinds 1 september 2010 geldt als voorwaarde voor deelname aan het lager onderwijs dat het kind in het voorafgaande jaar voldoende aanwezig moet zijn geweest in een door de Vlaamse Gemeenschap erkende Nederlandstalige kleuterschool. Dit om een te grote taalachterstand te voorkomen. Deze voorwaarde zal voor van oorsprong Nederlandse kinderen geen probleem zijn.

 

In de eerste vier jaar van het lager onderwijs leren de kinderen de basisvaardigheden lezen, schrijven en rekenen. Vanaf het vijfde leerjaar moeten kinderen verplicht Frans leren. In Brusselse gemeenten al vanaf het derde leerjaar. De Vlaamse regering heeft concrete plannen ook het Engels al op jonge leeftijd te gaan onderwijzen. Vanaf het vijfde leerjaar staan daarnaast de zogenaamde “zaakvakken” op het lesprogramma, zoals aardrijkskunde, geschiedenis, biologie en verkeer. Gaat uw kind naar een gemeenschapsschool, dan bepaalt u als ouder zelf of uw kind godsdienstles of niet-confessionele zedenleer volgt. Op katholieke scholen wordt uiteraard de katholieke godsdienst onderwezen.

 

Voor sommige basisscholen bestaan in de grote steden lange wachtlijsten. Het is dan ook verstandig uw kind zo vroeg mogelijk in te laten schrijven op de school van uw keuze.

Powered by: Vuursteen